marinating the past

I’ve been cleaning out my office in preparation for a new academic year (which starts today! I’m not ready….) and came across an essay by Aritha van Herk, first recommended to me by a good friend who recently relocated to Calgary (cue very sad face).

“Brisebois Drive” was originally published in The Walrus in 2009. In some ways, it is about Ephrem Brisebois, “the first French-Canadian officer in the North West Mounted Police,” and a murky figure in the history of Calgary. But really the essay is about history itself, about the stories we tell and about those we don’t, about how stories shift and change, and about how we use those stories to shore up our own.

As van Herk writes, “We would prefer the past to reassure us, and so enter into a false exchange with its fragments. Hardest of all for us to imagine is history as a dynamic space that hindsight cannot stop shape-shifting. So we read backwards, hunting for those turning points  that impinge on who we have become.”

Later in the essay, after piecing together the fragments of Brisebois’ life, she looks at the gaps between, trying to figure who Brisebois was, and in relation this, why she is drawn to his story. There is little that is particularly appealing about this man, and those who worked under him complained about his leadership. For van Herk, many questions remain. But are those questions about Brisebois, or are they about van Herk herself?

IMG_1152
ruminating on the life of my great-great-grandmother, Joorayee Radha

“In truth,” writes van Herk,

the temptation of history is rooted in its instability. Even though the past is presumably complete, its rich contingency is evidenced by our revisiting stories, shaping them into a tale or a dish to tempt contemporary palates. We are treated to another book on Napoleon, on Sir Wilfrid Laurier, on crinolines and creosote, new details previously overlooked. History does its turn on the cultural boards, then retreats, a shabby coat in the back of the winter closet, shoved there on a spring day wanting to be done with the weight of wool. There it hangs, a scarecrow with aphasia, holding the rag and bone shop of experience but unable to transmit that to a constant audience. And so I marinate and barbecue Brisebois, give him ulterior motives and base desires, try to make him more interesting than the ineffectual or dreaming busboy he doubtless was.

Which stories do we marinate? Which stories do we discard? How do we build our own stories in the gaps that remain?

 

What the Oceans Remember: Searching for Belonging and Home is now available for pre-order and you can order it via AmazonIndigo, Powell’s Books, Waterstones, and Blackwell’s, among others! 

© Sonja Boon, 2019.

 

 

 

 

 

1 thought on “marinating the past”

  1. Een van mijn hobby’s is het uitzoeken van de stamboom voor mijn kinderen en kleinkinderen. Sinds kort weet ik dat mijn (aangetrouwde) neef Ruud dezelfde interesse heeft. Vanochtend kreeg ik van hem een app: “Ken je dit boek?”
    Ik klikte op de link naar jouw boek. Het eerste wat mij opviel was de ondertitel. Ik heb zoveel geleerd over mijzelf van mijn speurwerk, dat dit gelijk aansprak. En toen las ik over de vrouw van 25 met het jochie van 2….. dat kwam bekend voor….. Ik scroll verder en zie een foto van Maria Mathilda Ameerbie met tante Hetty op de arm… He, de schrijfster is famile, een “Heineman”! (er zijn trouwens mensen die zeggen dat het een zus of nicht van Chundro is met Hetty op de arm (Liska). Maar het is veel logischer dat, in die tijd, een moeder zich met eigen kind liet vereeuwigen. Bovendien lijkt de vrouw sprekend op de pentekening die in de familie is en er is ook een foto van Tante Helène die daar weer sprekend op lijkt).
    Ik denk dat het tijd wordt dat ik mijzelf even in deze familielijn plaats: Ik ben getrouwd met Boudewijn, kleinzoon van Johan Julius U-A-Sai, “Jopie”, onderwijzer, horlogemaker. Helaas had zijn generatie niet veel met familiegeschiedenis. Als het om familiebanden gaat waren zij niet allemaal bruggenbouwers. Mijn schoonmoeder, Vera, de oudst levende dochter van J.J. U-A-Sai is zelfs eerder in staat om kloven te slaan dan om bruggen te bouwen. Helaas…. (Een jaar of wat geleden is er een vrouw uit jouw tak van de familie bij haar geweest om vragen te stellen. Ik ben bang dat zij een – op zijn zachtst gezegd – “afstandelijke” indruk gemaakt heeft. Ik hoop dat jij dat niet was)
    ik heb een paar jaar geleden een facebook-groep opgezet (U-A-Sai the next generations) om binnen de familie oude foto’s en familieverhalen te verzamelen. Maar ook om de verschillende takken weer wat bij elkaar te brengen. Tot zover in deze groep nazaten van Harry, Julius, de Fränkels en Hetty. Sinds kort heb ik contact met Ronny Rens jr, kleinzoon van Helène. Zijn vader heeft een mooi stuk over de U-A-Sai familie geschreven. Ik kan je een kopie sturen. Helaas nog geen contact met de familie van Alwin.
    Ik ga jouw boek bestellen, 3x, 1x voor mijzelf en voor elk van mijn zoons 1. Ik heb zelf wat onderzoek gedaan via Delpher en online archieven. Er is vast informatie die we met elkaar kunnen uitwisselen. Ik hoop van je te horen en je bij je volgende bezoek aan Nederland te ontmoeten!

    Like

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s